Verklarende woordenlijst met vakjargon

Hieronder vindt u een lijst met vaktermen die vaak door ons gebruikt worden.

Gezien we over een uitgebreide woordenlijst beschikken kan u gebruik maken van onze handige zoekfunctie:

Resultaten voor 'merk'
.fr is het achtervoegsel van Franse domeinnamen. .fr wordt, samen met .re, .tf, .pm, .wf en .yt (de laatste drie zijn niet open voor registratie) beheerd door AFNIC.[1]

AFNIC beheert ook de volgende secondleveldomeinnamen:
.asso.fr - voor verenigingen
.com.fr - open voor iedereen
.gouv.fr - voor de Franse regering
.tm.fr - voor houders van handelsmerk
Een advertentie is een publicatie van derden om er voor te zorgen dat wat er in de advertentie staat wordt gepromoot.

Meestal gaat het hier om het promoten van commerciële product en/of diensten. Er bestaan echter ook advertenties voor product en/of diensten zonder winstoogmerk. De boodschap in de advertentie noemen we dan reclame.

Vormen
Advertenties wordt in verschillende media gevonden, zo kennen we onder andere:
- krant.
- televisie- en radio-advertenties (reclame)
- internetadvertenties (waaronder Speurders.nl en Marktplaats.nl).
- advertenties in reclamefolder.
Bij krant zijn er naast de gewone advertenties vaak nog goedkope advertenties, soms "kleintjes" genoemd. Sommige krant zijn bewust geschreven alsof het een krant is. De redactie van de krant plaatst dan meestal daarboven de tekst "(advertentie)".
Public relations (pr), oftewel Publieke relaties is het stelselmatig bevorderen van het wederzijds begrip tussen een organisatie en haar publieksgroepen. Daartoe wordt gebruikgemaakt van interne en externe communicatie om een bepaald publiek te informeren of te beïnvloeden met behulp van tekst, advertentie, publiciteit, promotie en speciale gebeurtenissen. Aan de andere kant heeft pr ook een signaalfunctie om trends en issues uit de buitenwereld op te merk en ernaar te handelen. Het voornaamste doel van pr is het bestendigen of scheppen van een goed imago en niet verkoop. Pr werkt vooral op basis van imago-onderzoek. De voornaamste gereedschappen van pr zijn beïnvloeding van opinieleiders uit de doelgroep, of direct contact met de doelgroep via eigen media of media van anderen. De rol van internet is enorm gegroeid in de afgelopen tien jaar en geldt nu naast de bedrijfsbrochure als het belangrijkste medium. Met komst van sociale media als weblog, wiki's, Facebook, Twitter en Hyves is er ook sprake van specialisatie richting online. Activiteiten die daaronder vallen worden ook wel pr 2.0 genoemd, als verwijzing naar de term Web 2.0.
Onder beeldmanipulatie wordt verstaan het aanbrengen van veranderingen in een afbeelding. Beeldmanipulatie is strikt genomen hetzelfde als beeldbewerking. Het woord beeldmanipulatie wordt echter meer gebruikt in de zin van het wijzigen, verwijderen of toevoegen van afzonderlijke beeldelementen in een bepaalde afbeelding.

Beeldmanipulatie is strikt genomen hetzelfde als beeldbewerking. Het woord beeldmanipulatie wordt echter meer gebruikt in de zin van het wijzigen, verwijderen of toevoegen van afzonderlijke beeldelementen in een bepaalde afbeelding.

Beeldmanipulatie is niet iets van deze tijd. Vroeger werden bijvoorbeeld tot persona non grata verklaarde hooggeplaatste personen weggeretoucheerd van officiële foto's. Ook in oorlogspropaganda werd hier wel gebruik van gemaakt.

De Sovjetdictator Jozef Stalin liet in ongenade gevallen personen en politieke vijanden, zoals Trotski en Jezjov, van officiële foto's verwijderen. Ook liet hij op zijn eigen foto de littekens van pokken wegwerken.

Beeldmanipulatie is tegenwoordig een stuk eenvoudiger door gebruik te maken van gespecialiseerde programma's als Adobe Photoshop of Paint Shop Pro. Het manipuleren van beelden wordt soms "Photoshoppen" genoemd (in het Nederlands ook wel "fotoshoppen" genoemd, of verbasterd tot "fotosoepen" of "soepen"), naar het programma Photoshop. Adobe is er op tegen dat de merk Photoshop als werkwoord wordt gebruikt, maar heeft nog weinig succes om dat terug te dringen
Briefpapier is papier bestemd voor het schrijven, typen of afdrukken van brieven.

In het bijzonder wordt de term briefpapier ook gebruikt voor voorbedrukt papier waarvan een organisatie, bedrijf of privé-persoon gebruik maakt voor de correspondentie. Het is één van de belangrijke huisstijl van een bedrijf. Na een ontwerp (van bijvoorbeeld een creatief vormgever) wordt een stramien opgemaakt. Dit stramien bevat de posities van een aantal vaste briefonderdelen, zoals logo of beeldmerk, datum, geadresseerde, onderwerp, kenmerk en aanhef.

Tevens zijn de opmaakkenmerk geregeld in dit stramien. Onder opmaakkenmerk vallen bijvoorbeeld lettertype, marge, inspring en afmetingen. Dit alles kan dan consistent worden toegepast door het gebruik van een sjabloon. Ook is het gebruik van een huisstijl een veelvoorkomende oplossing bij het toepassen van de huisstijl in documenten.
Geregenereerde cellulose in dunne doorschijnende vellen voornamelijk gebruikt in de verpakking. Cellofaan, dat vetvrij en transparant is, kan bedrukt worden in de diepdruk.
Cellofaan is een gepatenteerde merk.
Copywriting is het schrijven van, meestal wervende of zakelijke teksten en wordt gedaan door een copywriter. Meestal dient de tekst om de lezer te overtuigen om een product of dienst aan te schaffen of om een merk bekender en geliefder te maken.
File Transfer Protocol (FTP) is een protocol dat uitwisseling van bestanden tussen computers vergemakkelijkt. Het standaardiseert een aantal handelingen die tussen besturingssystemen vaak verschillen.

Een FTP-client start een connectie met een FTP-server standaard via een verbinding met TCP-poort 21.

Techniek
Het concept FTP is gebaseerd op het client-servermodel dat ook andere delen van het internet kenmerk. De clientsoftware maakt een verbinding met de opgegeven FTP-server aan de andere kant van de 'lijn'. Deze antwoordt aan de client, waarna de client de gegevens aan de gebruiker toont.

Veiligheid
Standaard FTP-verbindingen zijn niet voorzien van encryptie, zodat de verstuurde gegevens gemakkelijk kunnen worden uitgelezen door hackers. Door gebruik te maken van een encryptie-laag kan dit, voor zover mogelijk, worden voorkomen.
Een logo (of beeldmerk) is een teken of symbool dat een woord vertegenwoordigt. Het is een grafische uiting die bijvoorbeeld met een bedrijfs- of product geassocieerd wordt.

Een logo kan bestaan uit een tekening, een duidelijk of juist een nietszeggend symbool. Een logo kan ook geheel geïntegreerd worden met het te vertegenwoordigen woord. In dit laatste geval is het lettertype en kleurkeuze van de letters het 'logo'. Men spreekt over beeldmerk, omdat door de combinatie van grafische elementen, lettertype en kleurkeuze immers een specifiek beeld ontstaat. Het woord "logo" komt van het Griekse woord "ὁ λογος", wat kan worden vertaald als "woord".
Een beeldmerk of logo is een grafische uiting die met een bedrijfs- of product geassocieerd wordt. Het woord "logo" is afgeleid van het Griekse woord "λογος", dat kan worden vertaald als "woord".
Een merk is een bepaald woord of afbeelding (of een geluid of een kleur) waarvoor geldt dat er iemand (de merkhouder) is, die het als enige mag gebruiken binnen een regio voor een bepaald handelsdoel. Een merk kan bijvoorbeeld door een bedrijf geregistreerd worden om in de Benelux in juwelen te handelen. Daarna mag niemand anders in de Benelux in juwelen handelen onder die naam.

Volgens het Beneluxverdrag inzake de intellectuele eigendom worden als merken beschouwd "alle tekens die vatbaar zijn voor grafische voorstelling, met name woorden, met inbegrip van namen van personen, tekening, letters, cijfers, vormen van waren of verpakking, mits zij de waren of diensten van een onderneming kunnen onderscheiden".
Is een computerprogramma van Microsoft dat deel uitmaakt van Microsoft Office. Het is een pakket waarmee vooral gemakkelijk presentatie gemaakt kunnen worden die bestaan uit meerdere dia's. Door het gebruik van een eenduidige opmaak kan men eenvoudig mooie, eenduidige presentatie maken. Vanaf de 2007-versie van PowerPoint zijn animatie mogelijk, bijvoorbeeld binnen het beeld schuivende tekst, of achter de schermen verdwijnende figuren.

Tot aan versie 2002 werd het programma gewoon PowerPoint genoemd, vanaf versie 2003 werd het Microsoft Office PowerPoint om duidelijker te maken dat het een onderdeel was van de Microsoft Office suite. In het Nederlands wordt de merk PowerPoint ook wel gebruikt als soortnaam.

Ook kan er gesproken woord en muziek worden ingevoegd. Door gebruik van hyperlink kan men per dia verwijzen naar bijvoorbeeld andere presentatie en filmpjes. Bij gebruik van veel foto's in een presentatie (over bijvoorbeeld huwelijk of vakantie) kan men een dia maken met veel hyperlink. Daardoor kan men kiezen waar een presentatie moet starten. Zo kan men makkelijk een gedeelte dat men al heeft gezien overslaan. In de laatste versie van PowerPoint 2003 is het standaard mogelijk een presentatie zelfstartend op cd te zetten inclusief een viewer. Daardoor kan de cd op elke computer worden afgespeeld, zonder dat er PowerPoint op de computer aanwezig hoeft te zijn.

Een PowerPointpresentatie gebeurt vaak met behulp van een beamer, een projector die door een computer gestuurd wordt.
POP (Post Office Protocol) is het meestgebruikte protocol voor het ophalen van e-mail van een mailserver. Inmiddels is POP in de 3e versie.

POP3 is een internetstandaard voor het overbrengen van e-mail van een server naar een client (e-mail van de gebruiker) over een TCP/IP-verbinding (gewoonlijk over poort 110). Bijna alle internetproviders bieden een e-mail aan dat beschikbaar is via POP3.

De huidige versie van Post Office Protocol, POP3, verschilt sterk van de vroegere versies van het POP-protocol, nl. POP (gewoonlijk POP1 genoemd) en POP2. Gewoonlijk wordt met de term "POP" POP3 bedoeld als het over e-mail gaat.

POP3 en zijn voorgangers zijn zo gemaakt dat de gebruikers zonder constante internetverbinding (zoals dial-up-internet) hun e-mail kunnen ophalen als ze verbonden zijn met het internet, en vervolgens de berichten kunnen bekijken en bewerken zonder dat het nodig is om met het internet verbonden te blijven.

Het is gebruikelijk dat een client verbinding maakt met een POP3-server en dan alle e-mail ophaalt en lokaal opslaat. Vervolgens worden de berichten verwijderd van de server en wordt de verbinding verbroken. Daarnaast bieden de meeste clients de mogelijkheid om de berichten op de server te laten staan.

Dit is in tegenstelling tot het modernere IMAP-systeem dat zowel een "disconnected mode" (de POP3-methode) als een "connected mode" ondersteunt. Clients die IMAP gebruiken laten de berichten gewoonlijk op de IMAP-server staan tot de server ze expliciet verwijdert. Dit en andere eigenschappen van het IMAP-systeem laten toe dat meerdere clients toegang hebben tot dezelfde mailbox. De meeste e-mail's ondersteunen zowel POP3 als IMAP, maar internetproviders bieden vaak geen IMAP aan.

Zowel bij het gebruik van POP3 als IMAP om de e-mail op te halen wordt het SMTP-protocol gebruikt om e-mail te versturen. e-mail worden vaak "POP-clients" of "IMAP-clients" genoemd, maar in beide gevallen wordt voor de verzending van e-mail gebruikgemaakt van SMTP.

Zoals veel andere oudere internetprotocollen ondersteunt POP3 oorspronkelijk maar één manier om in te loggen en dat is onversleuteld, dus zonder encryptie. Deze manier om het wachtwoord zonder versleuteling te versturen naar de POP3-server wordt nog heel veel gebruikt. Momenteel ondersteunt POP3 verschillende methodes om in te loggen met verschillende veiligheidsniveaus. Zo is het mogelijk gemaakt om POP3-verkeer door middel van SSL te versleutelen.


POP3 en veiligheid
POP3 is een relatief onveilig protocol, met name doordat nergens in de RFC-documenten staat vermeld dat een account tijdelijk geblokkeerd moet worden als 3 keer het verkeerde wachtwoord wordt ingegeven. Hierdoor kan men zeer eenvoudig een woordenboek-wachtwoordhack op een account uitproberen zonder dat daar direct erg veel van opgemerk wordt. Het is dus raadzaam om een goed wachtwoord te kiezen dat langer is dan 7 karakters en geen bekend woord is. Hiermee geef je jezelf meer garantie dat je e-mail ongelezen blijven.
Reclame is een vorm van communicatie met het doel potentiële klanten informatie te geven over product en diensten. Veel reclame is ook bedoeld consumptie aan te wakkeren door het creëren en versterken van een merk en een getrouwheid aan een merk. Het is ook het promoten van een product, dienst, bedrijf of idee door middel van een veelal gesponsorde boodschap.
Een visitekaartje, ook wel naamkaartje genoemd, is een kartonnen kaartje waarop een personeelslid of freelancer zich kan presenteren aan anderen, door dit kaartje uit te delen. Ook een privépersoon kan een visitekaartje hebben.

Een visitekaartje kan worden gemaakt door een drukker, maar er zijn ook automaten waaruit men tegen betaling een stapeltje visitekaartjes kan halen in een standaard lay-out.

Op het kaartje staat meestal vermeld:
- Naam van degene die het uitdeelt, eventueel met titels
- Functie
- Bedrijfsnaam
- Telefoonnummer(s)
- Adresgegevens van het bedrijf waarvoor hij of zij werkt
- Het logo (beeldmerk) van het bedrijf
- E-mailadres
- Adres van de website
Visitekaartjes worden zowel enkelzijdig als dubbelzijdig gedrukt en soms ook eenmaal gevouwen. De gebruikte papiersoort is meestal houtvrij dun karton, bijvoorbeeld 300 g/m2.

Sommige mensen laten hun visitekaartje beschermen met behulp van een lamineerapparaat. Ook was het een tijd hip om je visitekaartje als cd-rom uit te delen, met daarop bijvoorbeeld een bedrijfspresentatie. Deze cd-rom was in het formaat van een cd-single en er zijn zelfs rechthoekige exemplaren gemaakt die nauwelijks groter waren dan een normaal visitekaartje. Deze media konden 50 - 100 Mb aan data bevatten.

Er bestaan speciale doosjes om visitekaartjes in te bewaren. Mensen die veel visitekaartjes krijgen van relaties bewaren deze in mappen die plastic bladzijden met vakjes bevatten in de maat van visitekaartjes.
Een webwinkel (e-shop, internetwinkel of online shop) is een online etalage waarbij diensten en product kunnen worden aangeschaft via het internet.

Kosten
Vaak zijn de product van een webwinkel voordeliger dan bij een reguliere winkel. De redenen hiervoor zijn:
- Minder personeel nodig
- Geen fysieke winkel nodig
- Geautomatiseerde betalingen
- Rechtstreekse levering door toeleveranciers (zogenaamde drop-shipments)
- Hoge automatiseringsgraad

Betrouwbaarheid
Bij een webwinkel is de betrouwbaarheid niet eenvoudig te controleren, er is geen direct contact met de verkoper(s). Het kan daarom erg belangrijk zijn om de webwinkel even te bellen, na te gaan of er een fysieke aanwezigheid is (bijv. afhaalpunten), te letten op keurmerk van brancheorganisaties, certificatie door fabrikanten, ervaringen van andere shoppers, en natuurlijk Kamer van Koophandel-gegevens. Bedrijven zijn jaarlijks verplicht hun jaarcijfers te deponeren. Het is niet verstandig om bij een onbekend en verliesgevend bedrijf te kopen, hoe groot dit bedrijf ook is.


Kooporiëntatie
NIPO-Onderzoek heeft uitgewezen dat in Nederland sinds 2002 het internet het belangrijkste kooporiëntatiemedium is geworden, zelfs belangrijker dan de traditionele papieren catalogus. Sindsdien is het belang van internet alleen maar gegroeid. Webwinkels worden in hoge mate voor kooporiëntatie gebruikt, waarbij de koop niet per se online hoeft plaats te vinden. Daarbij groeit volgens de branche-organisatie Thuiswinkel.org het online webwinkelen ook nog steeds fors, zij het dat de groei wat afvlakt. Een zeer belangrijke ontwikkeling is dat steeds meer fabrikanten het webwinkelen omarmen, en inzien dat hun klanten vooral online -ook in webwinkels- zich oriënteren op hun product. Vandaar ook ontwikkelingen richting een open catalogus.

Belemmeringen bij webwinkelen zijn:
- Sommige product lenen zich minder voor verkoop-op-afstand zoals kleding of voedsel
- Niet alle webwinkels zijn betrouwbaar gebleken.
- Niet alle webwinkels bieden een boter-bij-de-vis betaalmogelijkheid (rembours, betalen-bij-afhalen)
- Thuis moeten blijven voor in ontvangst nemen goederen
- Trage uitlevering
- Onvolledige product en beperkt advies

Zoekmachines
Er zijn veel webwinkels die aangesloten zijn bij een product of product. Hiermee krijgt men eenvoudig een overzicht welk product waar het goedkoopst is.

Betalen
Betalen van product bij een webwinkel kan meestal met een credit card. In België is iDEAL een populaire online betalingsmethode van webwinkels.

Rechten
Op aankopen die via een webwinkel verricht worden is een zichttermijn (bedenktijd) van toepassing. Deze bedenktijd geldt enkel voor consumenten.

Creatief gebruikt hiervoor meestal de eigen ontwikkelde Shop-Eye module.